zondag 18 maart 2012

Tenslotte

Beste Bloggers,

Dit is mijn laatste blog over de wandeltocht. Morgen ga ik de url versturen aan alle familieleden, vrienden, collega's en kennissen. En ik ga reageren op de reacties zodat het echt interactief wordt. Ik moest alleen eerst dit verhaal kwijt. Zie het ook maar als een soort verwerking

De dag na de wandeling kwam mijn man mij ophalen. We zijn teruggegaan naar de abdij. Die is heel mooi verbouwd. Wil je het zelf zien? 



Wil je zelf meer lezen over de kunst van het pelgrimeren? Dit zijn mooie en inspirerende boeken:

Pelgrims. Onderweg naar Santiago de Compostela. Museum Catharijneconvent
Pelgrimage. Een spirituele reis. Ian Bradley
Leven als een pelgrim. Andrea Skevington

Ik dank nogmaals iedereen die mij steunde (of benijdde). Ook was ik blij met het snelle lidmaatschap van Vrienden op de fiets. Voor weinig geld kun je als fietser of wandelaar bij gastgezinnen slapen. Zie: www.vriendenopdefiets.nl/

Maar vooral dank ik Gerard, mijn lief, en de kinderen die mij zomaar even lieten gaan.

Storten voor het goede doel (Daughters of Charity) kan nog steeds. Ga naar Vastenactie.nl - Steun een actie - Heleen van de Reep.

Tot blogs

Heleen

Een drievoudig welkom

Beste Bloggers,

Toen het plan voor deze tocht steedse vastere vormen kreeg, wist ik ook dat ik niet zonder pelgrimszegen op weg wilde gaan. Maar hoe krijg je die? In De Zilk was op de dag van vertrek helaas geen kerkdienst. Andere opties lagen te ver van de route of leken te tijdrovend. Dan maar op de zondag ervoor. Pastor Wim Bakker was bereid om mij die zegen te geven aan het einde van de Eucharistieviering in de Sint Victorkerk in Waddinxveen. Hij eindigde met een Ierse zegenwens voor onderweg

Moge de weg voor je een begaanbaar pad zijn,
moge de wind je steeds in de rug waaien,
moge de zon met zijn warmte je in het gezicht schijnen,
en moge God,  tot wij elkaar opnieuw ontmoeten,
jou bewaren in de palm van zijn hand.


Dat was best een fijne vertrekpremie. 

Maar, zoals het spreekwoord zegt: de laatste loodjes wegen het zwaarst. En dat laatste loodje was voor mij de Staringweg. Daar heb ik mij behoorlijk op verkeken. Want die was drie keer zo lang als ik ingeschat had. Toen ik hem voor het eerst zag, was ik blij. Nu kon ik de route verlaten om naar de abdij te gaan. Nog even en ik was er. Maar niet heus. Ik ga toch niet vlak voor het eindpunt opgeven, dacht ik.
Kom op: iedere stap brengt mij dichter bij mijn doel.

Pas heel veel later zag ik de abdij in de verte liggen.  De korte weg door het weiland was echter afgesloten en dus ging ik maar  weer verder op die lange, lange weg. Het moet er wel heel vermoeid uitgezien hebben, dat gesjok van mij.

Maar toen ik eindelijk op de Adelbertusweg liep, klonk er opeens een luid geroep; Heleen, Heleen. Je hebt het gehaald, je hebt het gehaald!!! Tot mijn niet geringe verbazing kwam pastor Wim Bakker naar mij toe gerend. 'Ik ben bij mijn zus op bezoek. Ze woont daar. We gingen net eten. Ik nam een hap en ik zie jou voorbij lopen. Nog even en je bent er. Volhouden hoor!'

Gek, het is toch ook een mentale kwestie. Ik kon weer vooruit. In de abdij werd op mij gewacht met koffie en de stempel als teken dat de tocht echt voorbij was. Broeder Simon, de gastenpater, kwam mij ook nog begroeten.

Daarna ging ik door naar het logeeradres. Ik had het gevonden, ik stond voor het huis toen ik voor de derde keer hartelijk welkom werd geheten. Collega diaken Paul Schuurmans en zijn vrouw Marjoke waren te gast in de abdij. Dat wist ik en ik hoopte hen de volgende dag daar te ontmoeten. Maar ze maakte net een wandeling en juist op dat moment en voor de deur van mijn logeeradres kwam ik ze tegen. Toevallig toch. Of komen alle goede dingen dan toch in drieën?


Heleen van de Reep

Steeds dichterbij

Beste Bloggers,


Intussen was het al middag geworden van de derde wandeldag. Ik was al een keer behoorlijk verkeerd gelopen omdat de rood-witte markering bijna onvindbaar was. Als ik nog enigzins op een redelijke tijd wilde aankomen, moest ik toch goed doorstappen. Gelukkig had ik geen last meer van de doorgeprikte blaar en ging het mij goed af. Ook de weg zelf gaf genoeg afleiding. Het was rustig, heel rustig op de paden en er was veel moois te zien. De zon bleef maar uitbundig schijnen. Ik had het warm en heb de hele dag met open jas gelopen. Het was een feest om te zien hoe op Johanna's hof de gasten massaal op het terras zaten. 

trap naar het uitkijkduin
Boom met bijzonder mos


Aalscholvers in een boom



Wat weet ik eigenlijk van Ethiopië, dacht ik bij de lunch. De naam keizer Haile Selassi, die vonden wij als kinderen erg grappig. En verder droogten, honger en oorlogshandelingen. Of toch ook: een land met veel gebergten en hoogvlakte waar de koffie vandaan komt.


Een land met relatief gezien veel goede marathonlopers. Zou dat door de hoogte komen? Een rijke cultuur met een levendig godsdienstig leven. Zo was er een joodse minderheid, de Falasha's. Ze werden met een luchtbrug naar Israël gebracht.



En tenslotte met een christelijke kerk met heel oude papieren. Een kerk met een rijke liturgie en ontroerende iconen.

En natuurlijk Yohannis! Ooit mocht ik hem dopen toen ik in Mariahoeve in het pastoraat werkzaam was. De viering ging in het Engels en de doopwoorden in het Amhaars. Zijn moeder had het klank voor klank voor mij opgeschreven. En na afloop gaven zij mij een groot doopbrood omdat ik immers ook ergens van leven moest...
En tenslotte de zusters van Addis Abeba die structurele armoede willen ombuigen naar kansen voor vrouwen en hun gezinnen.

Dat is heel wat.

Heleen van de Reep

Thuisgekomen zag ik dat Hella van der Wijst in de wandeling een gesprek had met marathonloper Haile (Hella en Haile) zie: http://www.uitzendinggemist.nl/afleveringen/1243959




Blijf erbij

Beste Bloggers,

Ik had net mijn VWO diploma gehaald toen ik voor het eerst te gast was in Egmond. Ik had een brief geschreven dat ik wel eens paar dagen in een echt klooster wilde zijn om 'uit te rusten'. Dat leek me goed idee voordat ik theologie ging studeren. Een paar dagen later ging de telefoon. Een echte broeder aan de lijn. Wat ik daarmee bedoelde. Wilde ik soms in bikini aan de rand van het zwembad liggen? Kan dat dan, was mijn verbaasde reactie. Nee, natuurlijk niet, zei de gastenpater. Nou dan kom ik toch zonder zwemkleren.
Na deze spraakverwarring is het toch nog goed gekomen tussen de broeders en mij. Later begreep ik dat er door de verregaande gastvrijheid van de abdij ook wel eens vreemde gasten over de vloer kwamen.

Ik kwam en werd geraakt door het koorgebed. Psalmen zingen, zes, zeven keer per dag. In twee groepen tegenover elkaar. Om de beurt een paar regels. Uit het Hebreeuws vertaald door Marie van der Zijden en Ida Gerhardt. In een houterig Nederlands dat een ongekende rijkdom bleek te bevatten. Het boeide mij die psalmen met hun passie, hun emotie, hun diep doorleefde woede, twijfel, vertrouwen. Er was zoveel méér dan alleen psalm 23 (Want mijn herder is de Heer). Er ging een wereld voor mij open.


En er was de stilte. Dat was wel wennen. Buiten de twee keren koffie en thee geen gesprekken onderling. Ook niet aan tafel met andere gasten. Als je wat nodig had, maakte je een gebaar en je kreeg het ook nog. Of althans, dat was de bedoeling.
Zo zaten we eens aan de ontbijttafel met een aantal jongeren. Aan de andere kant zat een bisschop, Mgr. Möller van Groningen. Eén van ons gebaarde dat hij iets nodig had. Maar wat? We gaven hem van alles. Op laatst stond zo'n beetje alles bij zijn bord. We kregen de slappe lach. Maar we hielden ons in. De jongen werd steeds wanhopiger en onze hoofden werden steeds roder. 'Nou, lach dan maar', zei de bisschop gelaten en wij knalden los in een onbedaarlijke lachbui. 'En ik, en ik, wilde alleen maar de thee..., kon de overbuurman er met moeite uitkrijgen.

Maaltijden met gasten. Dat is ook iets heel speciaals. In stilte warm eten terwijl er een boek voorgelezen wordt of een hoofdstuk uit de kloosterregel van Benedictus. Zo kun je nog eens horen dat monniken geacht worden een gast te ontvangen alsof het Jezus Christus zelf is.

De monniken aten toendertijd snel. Sommige gasten echter niet en hadden daardoor soms nog behoorlijke trek wanneer de abt het sein gaf dat de maaltijd voorbij was. En dat zonder tussendoortjes die onze dagen (te veel) stofferen. Dat leidde een aantal jaren later tot de volgende gebeurtenis. Ik had de leden van een oecumenische groep, die ik als pastoraal werkster begeleidde, gezegd dat ze genoeg moesten eten. De broeders mogen immers pas van tafel wanneer iedereen uitgegeten is. Toen we de eerste dag aan tafel zaten, bleek dat één van ons die woorden goed in haar oren had geknoopt. Net toen het leek dat iedereen klaar was en de abt met zijn belletje in de aanslag zat, pakte zij in alle rust nog een appeltje, schilde het op haar dooie gemak en nam alle tijd om het op te eten. Dat leverde zeker een bonustijd van vijf minuten op. Zouden de broeders inwendig erg gemopperd hebben op ons gasten?

Eens was mij gevraagd om een jongerendag te organiseren. Het leverde mij een nieuwe vriendin op. En onze vriendschap leidde indirect naar de man met wie ik gelukkig mijn leven deel.

Een andere keer maakte ik een begrafenis mee van een gestorven broeder. De tederheid waarmee hij omringd werd, maakte diepe indruk op mij. De eenvoud van de plechtigheid hoorde daar helemaal bij. Ik zie ons nog gaan in optocht door de lange abdijgang al pslamzingend terwijl het zonlicht gekleurde banen trekt op de vloer, op onze gezicht. Kan een begrafenis een ingetogen feestje zijn?

Nu ben ik op weg naar de abdij. Ik ben er lange tijd niet meer geweest. Er zijn minder broeders. Zij die er nog wonen, zijn veel ouder geworden. Hoe kwestbaar is de communiteit? Er is ook ingrijpend verbouwd. Zo zijn de gastenkamers  gemoderniseerd. Ieder heeft eigen sanitair op de kamer. Een teken van vertrouwen in de toekomst. Ik denk terwijl ik loop: Wat zal ik er aantreffen? Zal er  herkenning zijn of vervreemding?

Iedere stap brengt mij dichter bij het antwoord.

Heleen van de Reep

Wil je zelf zien hoe de abdij eruit ziet? Ga naar www.abdijvanegmond.nl



Innerlijke ruimte

Beste Bloggers,


Op donderdagochtend ontbijt ik met bij Jan Paul en Saskia die mij die nacht gastvrijheid boden. We praten ook over gezondheid en de invloed van je voedsel. Ik vraag naar het grote weiland voor de deur, midden in het dorp. 'Dat is de dorpsweide en die houden we lekker open. We houden er dorpsfeesten, er is plaats voor de kermis. En dat allemaal in het hart van het dorp. Het is uniek in Nederland. Alleen in Engeland kennen ze soortgelijke plaatsen met een Village Green.


Af en toe komt er weer een plan langs om de weide te bebouwen, maar het hele dorp wil het niet. Die open ruimte moet blijven.'

Wijk aan Zee. Ik vind het een wonderlijke plaats. Aan de ene kant het open strand, de zee en de duinen. Aan de andere kant de rokende schoorstenen van Tata Steel. En daar om de hoek een pitoresk dorpje met een open ruimte in het midden....

En dat allemaal op zo'n klein gebied bij elkaar.
Hoe is het mogelijk? Geen wonder dat de Wijkers zo stoer vasthouden aan hun groene binnenruimte...



Terwijl ik later vanaf een duintop de hoogovens bekijk, zie ik opeens een onooglijk klein bloemetje bloeien. Schoonheid op de stoep van zware industrie. Opnieuw verbaas ik mij.

Ondertussen is de zon vrolijk gaan schijnen. Wat een verschil met de dag ervoor. Ik ben weer onderweg en met iedere pas komt het einddoel dichterbij. Terwijl ik zo loop, merk ik dat de symboliek van de dorpsweide mij niet loslaat. Ik mijmer er dus nog maar over door. En zo kom ik tot een reeks associaties.

Als je over 'ruimte' nadenkt, heb je meteen sterren, zonnenstelsels en planeten voor ogen. Maar... wat je het meeste ziet in de ruimte is NIETS. Al die plaatjes vertekenen de boel behoorlijk. Trouwens, in het klein is dat ook zo. Tussen de kern en de atomen van moleculen is er vooral leegte. Zou dat niet zo zijn, dan zou alle materie krimpen tot een loodzware compacte massa. Alles zou aan zijn eigen gewicht en zwaartekracht ten onder gaan. Zie verder: http://www.voorbeginners.info/scheikunde/het-atoom.htm


Replica van de Verbondskist?
Ook in godsdienst speelt leegte een rol. Zo stond in het Heilige der Heilige van de Joodse tempel de Ark van het Verbond. Een kist met daarin  tien geboden in twee stenen 'tafelen' gegrift. Op de kist stonden twee engelen. Hun vleugels vormden een soort zetel. De kist zelf is allang verloren gegaan in de maalstroom van de geschiedenis. De replica hiernaast is een poging om te laten zien hoe het eruit gezien kan hebben. Maar omdat we alleen nog maar beschrijvingen in bijbelteksten hebben, blijft het gokken.
Boven op die denkbeeldige zetel was LEEGTE.
Geen godenbeeld. Dat moet op de heidense plunderaars, die de kist uiteindelijk meenamen, een rare indruk hebben gemaakt. Nergens een godenbeeld te zien. Toch was die leegte geen neutraal niets. Maar eerder een betekenisvolle leegte. Want daarop rustte de Heerlijkheid van God. Niet op de materie van goud, maar op mensen die de tien leefregels waar maakten. En als symbool daarvan diende die Verbondskist.



Ook mijn geloof kent zijn betekenisvolle leegte; het graf van Jezus. Op Pasen klinkt de boodschap van de engel weer: 'Wat zoek je de Levende bij de doden.
Hij is niet hier. Hij leeft'.

Een lied verwoordt het zo:

Niet in het graf van voorbij,
niet in een tempel van dromen.
Hier in ons midden is Hij.
Hier in de schaduw van hoop.

Hier in dit stervend bestaan
wordt Hij voor ons geloofwaardig
worden wij mensen van God,
liefde op leven en dood

GvL 503 Huub Oosterhuis




Nu ik toch zo aan het mijmeren ben... Het eindpunt van mijn reis heeft ook iets met leegte. De spreuk van de Adelbertusabdij luidt: Deo Vacare - vrij zijn voor God of ruimte maken voor God. 
De Benedictijnen maken door hun gebed en werk ruimte voor God en in hun gastvrijheid ruimte voor mensen die bij hen aankloppen.


En naar die ruimte ben ik onderweg.


Heleen van de Reep












zaterdag 17 maart 2012

Zoekt en gij zult vinden

Beste Bloggers,

Woensdag 14 maart, de tweede dag van de wandeling, sta ik zo stil mogelijk op. Op de slaapkamer liggen nog twee andere vrouwen die zich nog even omdraaien. In de eetzaal is ook nog rustig. Ik neem me voor alles deze dag met aandacht te doen. Met een sjiek woord heet dat tegenwoordig Mindfullness, maar het heeft oude papieren. Ik vond het gisteren nog steeds te druk. Te druk om mij heen en te druk in mijzelf. Mijn gedachten flitsten maar heen en weer. De ene keer schoot mij een vergeten opdracht te binnen, het andere moment had ik een briljant idee dat ik eigenlijk meteen had moeten uitwerken. Een apengeest noemen Boeddhisten zoiets. Hij slingert van tak naar tak in een razend tempo. Gisteren zei ik steeds tot mijzelf, toen ik het in gaten kreeg: Straks heb ik tijd voor je, nu even niet. En langzaam werd het stiller in mijn hoofd en hart. Ik wil bij de onderstroom van mijn leven komen. Dat kun je niet afdwingen als een prestatie, maar je kunt er wel de voorwaarden voor scheppen, zodat het kan gebeuren...

Toen ik mijn tweede boterham smeerde, kwam één van mijn kamergenotes, een jonge vrouw, bij me zitten. Ze vroeg wat mij op weg gebracht had. 'Ik wil even herbronnen en tegelijk lopen voor een goed doel in Afrika'. Meteen reageerde ze geestdriftig. Ik doe ook zo iets! V. was uit Vlaanderen komen fietsen om afstand te nemen en na te denken. Volgende week begon haar nieuwe baan. Er werden werkzaamheden gevraagd die totaal nieuw voor haar waren. Hiervoor had ze onderzoek gedaan in Afrika. Maar het geld was op en het contract opgezegd. Nu ging ze het grote bedrijfsleven in met alle commercie van dien. Ze had er haar vragen bij. Zou ze haar idealen  kunnen vasthouden? Hoe blijf je trouw aan wat je ten diepste beweegt? Hoe voorkom je dat je vervreemd raakt van je kernwaarden? Zo ver mag en zal ik het niet laten komen, concludeerde ze. Waarna ze welgemoed verder fietste.

Ruiïne van Brederode, Santpoort Zuid
Ook ik pakte mijn spullen en liep naar de ruïne van Brederode in Santpoort Zuid. De wolken hingen laag en het was best fris, maar al snel kreeg ik het warm van het lopen.
Dat was ook niet zo vreemd want de duintoppen  waren behoorlijk pittig. En ondanks de wandelingen als voorbereiding op deze actie liep ik al snel achter mijn adem.










Vogelmeer

Dwars door de duinen liep ik naar het zuiden, 
naar het Vogelmeer. Misschien kwam het door het weer, misschien doordat dit stuk duinen minder druk bezocht werd, maar het was er rustig en stil. Daar - tussen de gakkende ganzen - nam ik de tijd voor bezinning:


'Er is geen andere tijd dan nu. Gisteren is voorbij, morgen nog verborgen. Er is geen andere plaats dan hier. Waar mijn voet gaat, waar mijn hand werkt, waar mijn mond spreekt, laat het heilige grond zijn, waar het goede te zien is.'

Ik liep nog wat verder tot het tijd werd om te lunchen. Omdat ik toen net een kudde schapen passeerde, en de herkauwende dames er inspirerend uitzagen, besloot ik in hun gezelschap te blijven om mijn boterhammen op te eten.

Tot dat moment liep alles nog gesmeerd. Ik kon de route gemakkelijk volgen. Maar na de lunch werd dat anders. Eerst kwam ik obstakels tegen op het pad. Er werd namelijk groot onderhoud gepleegd. Een vrijwilliger van Natuurmonumenten zag mij bedenkelijk kijken en bood me meteen een lift aan voorbij deze flessenhals. Het zal niet de laatste ´engel´ zijn die ik op deze dag tegenkom. Zo belandde ik sneller dan verwacht in Driehuis. Daar - had ik mijzelf beloofd - zou ik warme soep gaan eten. Ik stond nog wat aarzelend bij een bistro toen ik ongevraagd advies kreeg van twee oudere dames met rollator: 'Daar kun je gerust gaan eten, hoor. Die maken alles nog zelf.' En inderdaad de warme tomatensoep smaakte heerlijk.


Landhuis Beeckesteijn (3x gezien helaas)
De duinen had ik achter mij gelaten voor vandaag, want de wandeling ging door Driehuis naar het landgoed Beeckesteijn. Vol goede moed ging ik verder en... ik verdwaalde. Ik kon op een bepaald punt de markering niet meer vinden en ook de kaart bracht geen uitkomst. Dan maar anders lopen, dacht ik na de zoveelste dwaling. Gelukkig zag het zwart van de honden en de hondenbezitters. De laatsten gaven mij aanwijzingen over de route en gingen zelfs nog met elkaar in discussie over de juiste richting. Ik gaf het maar op en liep ongeveer in de richting die de meesten aanwezen. 




Dat bleek niet zo'n gek idee, want zo hoefde ik niet zolang langs het Noordzeekanaal met drukke verkeersweg te lopen! Een bijzondere verrassing vond ik het telefoontje uit het Bruin Café van Savelberg. Al die heren die op mijn tocht een borrel namen, zorgde bij mij na die misère voor een vrolijke noot. 
Tussen vele, vele fietsers voer ik het kanaal over. Op weg naar een overkant met nieuwe avonturen?
Het zou nog een lange weg worden. Want dat laatste eind (de zeeweg) was één langgerekt stuk. En daar ben ik niet goed in. Ik houd van bochtjes, afslaan, wegen die zich krommen. Niet zo van zo'n rechte racebaan. Ik zette mijn mp3 speler op Taizé en liep op de cadans van de canons meter voor meter verder.


 


Eindelijk, eindelijk zag ik dan toch dit bord. Ik was er bijna.
Hartelijk werd ik ontvangen door mijn gastheer. En van mijn  bagagelast verlost, ging ik eten bij Demir. Hij kookte in zijn Turkse restaurant een heerlijk maal. Hij verdient veel klandizie!! Dit is mijn rating voor hem... vijf sterren.


Voor ik ging slapen, bekeek de boeken die in mijn gasthuis op de kamer lagen. Één titel sprak me wel aan: De kracht van nu-even-niet van Ray Bennet. Maar veel puf om te lezen had ik niet meer....

Heleen van de Reep

Meer informatie over Taizé vind je op     http://www.taize.fr/nl
Muziek van Taizé  zijn korte liederen die gewoonlijk vele malen achter elkaar gezongen worden. De gedachte hierachter is, dat het lied als een gebed in je onderbewustzijn een plaats vindt, en zo de hele dag kan dienen als meditatief, stil verlangen naar God. Vaak zijn de liederen een of twee regels lang, vierstemmig of canon en worden ze begeleid door gitaar of orgel met eventueel enkele soloinstrumenten. (Bron Wikipedia) Voor een van de opwekkenste wandelcanons volg de link: http://www.youtube.com/watch?v=xbG3FS8EEvI

Wijk aan Zee by night




Weer thuis

Beste Bloggers (en andere belangstellenden),



Gistermiddag ben ik thuis gekomen na drie intensieve wandeldagen langs het Hollands Kustpad. In totaal heb ik 82 km afgelegd tussen De Zilk en Egmond Binnen. En in die dagen heb ik kunnen nadenken, mijmeren en mediteren. Maar ook veel meegemaakt en bijzondere mensen ontmoet.

Omdat ik niet iedere dag kon bloggen, schrijf ik er een paar achter elkaar over dag 2 en 3.

Hier wil ik alvast ieder heel hartelijk bedanken die via blog, email, sms-jes en telefoontjes meegeleefd heeft. Ik heb dat erg op prijs gesteld. En vaak kwamen die berichtjes precies op tijd om de blaren, het dwalen, de tegenslagen en de vermoeidheid te kunnen verdragen en het vol te houden!!!

Ook wil ik ieder van harte bedanken die een gift gegeven heeft op Vastenactie.nl. De zusters in Ethiopië kunnen iedere Euro goed gebruiken voor hun werk met de armsten in Addis Abeba. Dat geeft veel mensen nieuwe kansen!

Heleen van de Reep